Berlijn: wachten op de lente

(verschenen op Volkskrantreizen op 14.02.2010)

We beleven in Berlijn de koudste en vooral gladste winter sinds ruim 30 jaar. Vooral op de trottoirs en voetpaden is het vaak bar en boos: de sneeuw is inmiddels hard bevroren en spekglad en het strooizout is op. Weest u dus voorzichtig als u de komende tijd deze kant op komt!

De meeste mensen zijn de lange winter zat en zien uit naar het voorjaar. Dat zal echter nog wel even op zich laten wachten, maar er zijn de komende tijd natuurlijk weer genoeg mogelijkheden zich ondanks de kou in Berlijn te amuseren.

Een hoogtepunt in februari is altijd de Berlinale, die dit jaar voor de 60e keer wordt gehouden en zich met enige trots als het grootste publieksfilmfestival ter wereld presenteert. En dat laatste kan wel kloppen: in 2009 waren er in totaal zo’n 500.000 toeschouwers bij bijna 1.000 voorstellingen. Het aantal bezoekers ligt natuurlijk wel een stuk lager omdat de echte fans tijdens het tien dagen durende festival meerdere – om niet te zeggen tientallen – films bekijken. Berlijn is dan wel niet Hollywood, maar de Berlinale had en heeft toch altijd wel een glamorous tintje. Dat is te zien aan de vele sterren en sterretjes die hier in de loop der jaren hun opwachting hebben gemaakt. Dat begint bij Sophia Loren en Gary Cooper via Michelle Pfeiffer en Julia Roberts naar Ben Stiller en Renée Zellweger dit jaar. Die laatste zit overigens in de internationale jury die de beste film met een Goldener Bär zal onderscheiden. De Berlinale bestaat naast de strijd om de gouden beer uit diverse rubrieken, waarvan het Forum, de Retrospektive en de Hommagen de oudste en de bekendste zijn.

De Berlinale loopt nog tot 21 februari. Het volledige programma en de filmtheaters vindt u hier. Wel met lange rijen bij de kaartverkoop rekenen, mocht u een bepaalde film willen zien – zo er dan nog kaartjes te krijgen zijn.

Berlijn is altijd wel een filmstad geweest, al is het aantal bioscopen in de laatste jaren drastisch verminderd. Bij die verdwenen bioscopen zijn enkele juweeltjes zoals het Marmorhaus, Lupe 2 en de Filmbühne Wien. Dit laatste theater ging in 2000 dicht, werd voor veel geld herbouwd en … staat sindsdien leeg. Filmliefhebbers zij deze website van harte aanbevolen: u vindt hier enorm veel informatie over de geschiedenis van de Berlijnse bioscopen en over het huidige aanbod in de stad.

Gelukkig bestaat mijn lievelingsbioscoop nog wel: het Delphi in de Kantstrasse op de hoek van de Fasanenstrasse, dat ook één van de filmtheaters van de Berlinale is. Veel pluche, veel sfeer en met het beroemde Quasimodo. Dat is enerzijds een prettig café met een groot terras en anderzijds een bekende jazzclub met een geheel eigen stijl. Hier vindt u meer informatie over het Delphi en de Quasimodo club.

Terug naar de winter: Natuurlijk is die voor de meeste Nederlanders met schaatsen verbonden en dat kun je hier prima doen. Jammer genoeg niet op de vele meren en plassen die Berlijn rijk is, omdat de gevallen sneeuw niet wordt geruimd. Gelukkig zijn er wel diverse schaatscentra en maar liefst twee stadions met een 400 meter baan (uiteraard één in het westen en één in het oosten van de stad). De oudste is het openlucht Horst-Dohm-Eisstadion in de Fritz-Wildung-Straße in Wilmersdorf, waar ik nog Alie Boorsma en Ria Visser voor nauwelijks 100 toeschouwers heb zien flitsen. U komt hier met de U-Bahn lijnen 3 en 7 (uitstappen op station Fehrbellinerplatz of met de S-Bahn (Ring). Van daar zijn het nog een paar minuten te voet.

In de wijk Lichtenberg in het oosten van de stad ligt een moderne ijshal die deel uitmaakt van het Sportforum Hohenschönhausen. Dit sportcentrum uit de jaren vijftig is het grootste in zijn soort in Europa, wat uiteraard te maken heeft met het feit dat (top)sport in de vroegere DDR een enorm belangrijke rol speelde. Hier zijn trainingsfaciliteiten voor o.a. atleten, wielrenners, zwemmers, turners en uiteraard schaatsers. Vaste bezoekster hier is onder anderen Claudia Pechstein.

Als u tijdens uw verblijf een keertje wilt gaan schaatsen, raad ik de baan in Hohenschönhausen aan. De ijshal blijft nog tot 11 april voor het publiek geopend en u komt er vanaf de Hackescher Markt of de Alexanderplatz met tram M5 (richting Zingster Strasse). Uitstappen bij de halte Simon-Bolivar-Strasse, dan staat u recht voor de hal. De openingstijden zijn hier te vinden.

Als u toch in Hohenschönhausen bent, kunt u van de gelegenheid gebruik maken de Gedenkstätte Berlin-Hohenschönhausen te bezoeken. Vanaf de ijshal neemt u weer tram 5 richting Zingster Strasse en stapt u twee haltes verder bij de Freienwalder Strasse uit. Lopen mag natuurlijk ook: gewoon de straat waar de tram rijdt (Konrad-Wolf-Strasse) blijven volgen. Konrad Wolf was overigens een bekende Oostduitse filmregisseur en president van de Akademie der Kunsten en bovendien de broer van Markus Wolf. Deze is zo mogelijk nog bekender, omdat hij jarenlang het hoofd van de Hauptabteilung Auslandsaufklärung van het beruchte Ministerium für Staatssicherheit – of eenvoudiger gezegd: de opperste spionagechef van de DDR was.

U slaat vervolgens de Freienwalder Strasse in: na een minuut of zeven lopen bent u op de plaats van bestemming (hoek Gensler Strasse). Aanvankelijk bevond zich hier een interneringskamp dat de Sovjets kort na het einde van de Tweede Oorlog hadden opgezet. Begin jaren vijftig werd het door de jonge DDR overgenomen en getransformeerd tot de grootste gevangenis van Oost-Duitsland, die de binnenlandse veiligheidsdienst vervolgens tot het jaar 1989 in gebruik had. Hier werden tegenstanders van het DDR-regime gevangen gezet, daaronder leiders van de volksopstand van 17 juni 1953, maar ook in ongenade gevallen politici en mensen die geprobeerd hadden de DDR te ontvluchten.

Pas in 1990 werd de gevangenis gesloten waarna deze op initiatief van oud-gevangenen in 1994 een nieuwe bestemming als gedenkplaats kreeg. Het terrein zelf en een kleine expositie aan de ingang zijn vrij toegankelijk: de vroegere gevangenis kunt u echter alleen bekijken door aan een rondleiding deel te nemen. Deze worden op werkdagen om 11, 13 en 15 uur gehouden, in het weekend vaker. Hier zijn de precieze tijden en verdere informatie te vinden, daaronder een pdf met een uitleg in het Nederlands. De gidsen zijn overigens vaak ex-gevangenen. Een redelijke beheersing van het Duits is wel handig, maar ook zonder die kennis krijgt u een goede indruk van de barre omstandigheden en de naargeestigheid die hier ten tijde van de DDR heersten.

U bent nu toch net midden in Oost-Berlijn (en dus tamelijk ver weg van het toeristische centrum) en ik raad u aan nog even langs het Ernst-Thälmann-Park te gaan. Ernst Thälmann was van 1925 tot 1933 voorzitter van de Kommunistische Partij Duitsland (KPD), daarna elf jaar politiek gevangene van de nazi’s en werd uiteindelijk in 1944 in Buchenwald vermoord. Hij had nauwe banden met de Sovjet-Unie en nam diverse malen aan congressen van de Kommunistische Internationale (Komintern) in Moskou deel.

Geen wonder dat hij in de DDR als het ideale symbool van de zg. antifascistische strijd werd beschouwd en er is in de vroegere DDR inderdaad nauwelijks een stad of dorp te vinden zonder Thälmannstraat, Thälmannschool of Thälmannmonument – ook nu nog trouwens.

Vanaf de Gedenkstätte Hohenschönhausen loopt u weer naar de halte van tram M5 die u nu richting Alexanderplatz neemt. U stapt uit bij het S-Bahnstation Landsberger Allee, dat aan de ringlijn ligt en neemt de S-Bahn die richting westen rijdt (symbool: tegen de klok in). Twee haltes verder stapt u uit op het station Prenzlauer Allee, waar u aan de overkant het Ernst-Thälmannpark ziet.

Het meest in het oog lopende bouwwerk is het grote Zeiss-Planetarium, dat in 1987 werd gebouwd en met een koepel van 30 meter het grootste planetarium in Duitsland is. Dankzij nieuwe audiovisuele techniek is het planetarium tegenwoordig eerder een soort sterrentheater met veel multimedia effecten. Ik was er, toen er toevallig net een kindervoorstelling begon, maar heb er geen spijt van dat ik daar naar binnen ben gegaan. Het was behoorlijk leerzaam, ook voor een volwassene! Het planetarium biedt echter voor elk wat wils, daaronder hoorspelen, muziekvoorstellingen en exposities. Er is een uitgebreide en goedgemaakte website, die gedeeltelijk ook in het Engels beschikbaar is. Wat mij betreft: een aanrader voor de vroege avond!

Vanaf station Prenzlauer Allee komt U via de ringlijn weer snel in het centrum: bij voorbeeld tegen de klok in naar station Schönhauser Allee met overstappen op U-Bahn lijn 2 richting Alexanderplatz of naar station Westhafen en vandaar met U-Bahn lijn 9 naar Zoologischer Garten of Kurfürstendamm. Een andere mogelijkheid is tram M2, die u eveneens naar de Alexanderplatz brengt.

Zoals gezegd, Berlijn wacht op de lente en de eerste voorbode is altijd de ITB, de Internationale Tourismus Börse, die dit jaar van 10-14 maart op het al vaker beschreven Messegelände zal plaatsvinden (op 13 en 14 maart ook voor het publiek geopend). Hier komen zo’n 180.000 bezoekers om te zien wat de meer dan 10.000 exposanten (!) uit ruim 180 landen hebben te bieden. Het evenement is weliswaar in de eerste plaats een vakbeurs, maar voor de doorsnee vakantieganger is het natuurlijk de ideale gelegenheid om alvast ideeën voor de volgende vakantie op te doen. Meer informatie is hier te vinden.

Dat de lente niet meer al te lang op zich zal laten wachten is ook te merken aan het feit dat de grootste show in Berlin binnenkort uit haar winterslaap zal ontwaken. Bedoeld is hiermee Qi, een wervelende voorstelling van muziek, dans, veren, variété en mooie danseressen – een mix dus van Las Vegas en Parijs. Deze revue neemt de draad vanaf 28 februari weer op en is te zien in het roemruchte Friedrichstadtpalast. Nu houd ik absoluut niet van dit soort programma’s en ik kan dus helaas geen eigen oordeel afgeven, maar voor de liefhebbers van dit genre schijnt het tóp te zijn. Beter dan Vegas en een must voor iedere Berlijnbezoeker zeggen de kenners.

Wel kan ik u wat het over het Friedrichstadtpalast vertellen. Het oorspronkelijke Palast dateert al van de jaren zestig van de achttiende eeuw en was oorspronkelijk een circusgebouw (onder andere voor het beroemde circus Renz). Maar het fungeerde in de loop der tijden ook als markthal en als stalling voor de paarden van de keizerlijke cavalerie. Later werd het dan weer voor grootscheepse evenementen gebruikt, vooral ook ten tijde van de DDR. In 1980 werd het theater wegens bouwvalligheid gesloten, maar enige tijd daarna een paar honderd meter verderop herbouwd. In tegenstelling tot de DDR zelf hadden de revues vaak een nogal internationaal flair, zeker één van de redenen waarom deze behoorlijk populair waren. Het theater is in zijn soort het grootste ter wereld, met een inderdaad enorm grote bühne.

Tijdens en na de Wende, de val van de DDR, werd wel beweerd dat het beste exportproduct van de DDR het Friedrichstadtpalastballet was en dat was niet eens helemaal gekscherend bedoeld. Een tijdlang was het zelfs Kult fan van dit ballet te zijn dat sinds de jaren 80 het wereldrecord kickline in handen hield:  55 dames die in één lange rij dansten zonder uit de maat te raken. Er is een prima website waar u met behulp van korte videoclips al een aardig idee van het programma krijgt. En er is zelfs een Nederlandstalige versie.

Het Friedrichstadtpalast bevindt zich in de Friedrichstrasse op enkele minuten lopen van het gelijknamige station. Niet te verwarren overigens met het naburige Tränenpalast, dat helemaal geen paleis is maar in de volksmond zo werd genoemd, omdat hier ten tijde van de Berlijnse muur een grensovergang was waar de bezoekers uit het westen (in tranen) afscheid van hun familie en vrienden in Oost-Berlijn moesten nemen. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Dit bericht is geplaatst in volkskrantreizen met de tags , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.