Berlijn: tips voor uw volgend bezoek

De kruitdampen van de Duitse verkiezingen zijn inmiddels opgetrokken en de winnaars en verliezers staan vast. Merkel heeft het heft goed in handen en we zullen de komende vier jaar zonder twijfel een grote coalitie van CDU/CSU en SPD krijgen. Ik woon inmiddels alweer 30 jaar in Berlijn, maar ik heb zelden zo’n saaie verkiezingsstrijd beleefd. Nee, dan was de Berlin marathon de week daarna een stuk spannender – met alweer een nieuw wereldrecord (het vijfde binnen tien jaar).

Dat neemt natuurlijk niet weg dat Berlijn politiek gezien een erg opwindende stad is, waarbij echter wel een duidelijk onderscheid tussen de locale (Kommunalpolitik) en de landspolitiek (Bundespolitik) dient te worden gemaakt. De locale politiek blinkt uit door een gebrek aan visie en je hebt niet echt het gevoel dat de grote problemen die de stad heeft adequaat worden aangepakt. En dat zijn er nogal wat: te weinig betaalbare huurwoningen, integratie die niet echt op gang komt, niet genoeg kinderdagverblijven (Kindertagesstätten oftewel Kitas), met de S-Bahn is het nog steeds hommeles en daarnaast is er door geldgebrek een grote achterstand bij het onderhoud van publieke inrichtingen en van de openbare weg.

En dan heb ik het nog niet eens over de grote bouwputten waarmee Berlijn momenteel gezegend is: het doortrekken van de U-Bahnverbinding U5 van Alexanderplatz naar Hauptbahnhof zorgt er voor dat de boulevard Unter den Linden nog tot minstens 2017 een bouwput zal blijven.

Ook de renovatie van de prestigieuze Staatsoper aan diezelfde boulevard duurt veel langer en wordt veel duurder dan oorspronkelijk was gepland. Hetzelfde geldt trouwens voor het zogenoemde Stadtschloss, dat op zijn oorspronkelijke plek (ook al aan de boulevard Unter den Linden) zal worden herbouwd – daar waar ten tijde van de DDR het roemruchte Palast der Republik stond. Drie bouwputten: drie problemen.

En dan is er natuurlijk nog ons aller troetelkind: het nieuwe vliegveld van Berlijn. Deze week was er weer eens wat nieuws te melden: aangezien de nieuwe algemeen directeur (Mehdorn) niet door één deur met technisch directeur Ammann kon, moest de laatste nu zijn biezen pakken: hij wordt weggepromoveerd en heeft voortaan niets meer in de melk te brokkelen. Zijn functie blijft vacant, dus men gaat leukweg verder zonder technisch directeur…

En wanneer wordt het vliegveld nu echt geopend? Het antwoord luidt: een officiële openingsdatum wordt inmiddels niet meer genoemd, maar het is duidelijk dat het nog erg lang gaat duren. In de wandelgangen is al sprake van het jaar 2016. Ik houd u in ieder geval op de hoogte.

Wellicht denkt u nu dat het leven in Berlijn inmiddels toch wat minder leuk is geworden, maar die indruk is niet juist. De problemen zijn er inderdaad, maar er is daarnaast ook zo veel levendigheid, innovatie en dynamiek in de stad te vinden dat deze in het dagelijks leven weer snel naar de achtergrond worden gedrongen.

En Berlijn wordt ook nog steeds populairder: in het afgelopen jaar steeg het aantal hotelovernachtingen met ruim 11% tot rond 25 miljoen, zodat Berlijn na Londen en Parijs de derde toeristenstad van Europa is geworden. En ook voor dit jaar wordt met een duidelijke stijging gerekend.

Natuurlijk zijn de meeste toeristen in de wijk Mitte te vinden: hier zijn de meeste bezienswaardigheden, de meeste musea en de meeste herinneringen aan de Berlijnse Muur te vinden. Als u voor het eerst naar Berlijn komt, is het zeker een goed idee een rondrit met één van de vele toeristenbussen (hop on, hop off) te maken. Ook vanaf het water kan het centrum prima verkend worden.

Voor mensen die hier al eens waren en voor degenen die liever zelf op pad gaan heb ik een kleine fietstocht door het centrum opgetekend. Het is een tochtje van zo’n 20 km dat goed in ongeveer anderhalf à twee uur is te doen (al naar gelang de pauzes). Het eerste gedeelte van de route verloopt langs de vroegere Muur. Denkt u er wel aan dat fietsers het over het algemeen wat moeilijker in het verkeer hebben dan in Nederland. Voorrang is mooi, maar niet tot elke prijs!

De Potsdamer Platz heeft voor de Berlijnbezoeker het één en ander te bieden: hier vindt u het Panoramapunkt vanwaar u met de snelste lift van Europa naar een hoogte van zo’n 100 meter wordt gestuwd. Verder zijn hier het Sony Center en voor de kleineren het Legoland te bewonderen. Hier ziet u ook restanten van de Berlijnse Muur, met daarbij een korte toelichting. Resten van de Muur komen we nog wel vaker tegen tijdens dit tochtje.

Vanaf de Potsdamer Platz nemen we eerst de Stresemannstrasse in zuidoostelijke richting en slaan vervolgens linksaf naar de Niederkirchnerstraße. Dit is een interessante straat, waar u als eerste onmiddellijk links de Preußischer Landtag ziet, waar sinds 1993 het Abgeordnetenhaus resideert. Je zou denken dat dit overeenkomt met onze gemeenteraad, maar aangezien Berlijn een Land (deelstaat) is, is de juiste benaming deelstaatregering. Dat zou alleen maar kunnen veranderen als Berlijn en de omliggende deelstaat Brandenburg zouden fusioneren, waarover juist in de laatste weken opnieuw wordt gediscussieerd: de hoofdstad van zo’n deelstaat Berlin-Brandenburg zou dan namelijk niet Berlijn, maar Potsdam zijn.

Aan de rechterkant ziet U achtereenvolgens de Martin-Gropius-Bau, een museum van internationale allure en pal daarnaast de permanente tentoonstelling Topographie des Terrors. Over beide heb ik hier al eens wat geschreven.

Daarna steken we de drukke Wilhelmstrasse over en rijden door de Zimmerstrasse. Links ziet u de bekende Trabisafari en wat verderop het Panorama Die Mauer van de Persisch-Oostenrijkse kunstenaar Yadegar Asisi, dat ik al in een eerder stukje van harte heb aanbevolen. Hier krijgt men een goed idee van het Berlijn ten tijde van de Muur, belicht zowel van Westberlijnse als van Oostberlijnse kant. Eigenlijk zou dit project slechts een jaar lang te zien zijn, en ik neem aan dat de grote belangstelling voor dit unieke tijdsbeeld een verlenging noodzakelijk heeft gemaakt.

We slaan daarna linksaf en komen op de Friedrichstrasse, precies op de plek die als Checkpoint Charlie bekend staat. Van het oorspronkelijke straatbeeld uit de jaren 70 en 80 is zo goed als niets meer over, maar gelukkig zijn er veel panelen die de tijd van de Koude Oorlog althans enigszins aanschouwelijk maken. In de jaren 80 ben ik hier vele malen naar en van Oost-Berlijn gereisd (dit was namelijk één van de overgangen voor buitenlanders), maar ik had er nooit een prettig gevoel bij. Om de één of andere redenen lukte het de grenswachten je een schuldig geweten te bezorgen, hoewel ik me altijd keurig aan de regels hield.

Daarna slaan we rechtsaf, de Schützenstrasse in, die we uitrijden tot aan de Axel-Springer-Strasse, vernoemd naar de oprichter van de Springer-Presse, de uitgever van bladen zoals de Bild-Zeitung en de BZ. Kortom de Duitse yellow press op haar best. We gaan hier even links en nemen dan de eerste straat rechts, de Kommandantenstrasse. We zijn inmiddels al lang en breed in de wijk Friedrichshain-Kreuzberg (het Westberlijnse Kreuzberg rechts en het Oostberlijnse Friedrichshain links). Rechts ziet u het areaal van de Bundesdruckerei die aan het begin van deze eeuw geprivatiseerd werd, maar inmiddels weer eigendom van de staat is. Hier worden passen, bankbiljetten, rijbewijzen enz. geproduceerd: de Joh. Enschede van Duitsland dus.

We gaan heel even links de Alte Jakobstrasse in, maar onmiddellijk rechts nemen we de Stallschreiberstrasse. Een straatje van niks, maar ook hier liep de Muur. Het uitzicht is wel aardig: vóór je ligt een stuk onverzorgd grasland, en in de verte is de Fernsehturm te zien. Dan links de Alexandrinenstrasse (niet meer dan een pad) en rechtsaf de Sebastianstrasse inslaan. Hier steken we de weg Prinzenstrasse (Westberlijn)/Heinrich-Heinestrasse (Oostberlijn) over. Ook hier was een grensovergang, ditmaal voor Westduitsers (en dus niet voor Westberlijners, aangezien Westberlijn door de DDR als een “selbständige politische Einheit” werd beschouwd die met de Bondsrepubliek niets van doen had). In totaal waren er acht grensovergangen tussen West- en Oostberlijn, waarvan de bekendste natuurlijk Checkpoint Charlie was.

Verder gaat het linksaf de Luckauer Strasse in, met aan uw rechterhand de Alfred-Döblin-Platz vernoemd naar de auteur van de roman Berlin Alexanderplatz, die als televisieserie onder de regie van de fameuze Rainer Werner Fassbinder in de jaren 80 ook in Nederland voor furore zorgde. Daarna weer direct rechts in de Waldemarstrasse en vervolgens links – het beste op het pad midden tussen Legiendamm en Leuschnerdamm. Voor u ligt het fraaie Engelbecken, met een aardig café dat ik voor een kleine pauze van harte aanbeveel.

Rechts van de Leuschnerdamm nemen we dan de Bethaniendamm, die we, over de Köpenicker Strasse, doorrijden tot aan de Schillingbrücke, waar u aan uw linkerhand weer de Fernsehturm ziet.

Deze brug leidt ons over de Spree en we komen in de wijk Friedrichshain. Aan het eind van de brug slaan we rechtsaf in de Stralauer Platz. Aan uw rechterhand ziet u diverse clubs, waarvan Yaam vermoedelijk de bekendste is. Gewoon even een kijkje nemen!

Het verlengde van de Stralauer Platz heet Mühlenstrasse en hier ziet u dan rechts de beroemde Eastside Gallery opduiken. Dit stukje Berlijn heeft een zeer bewogen geschiedenis achter zich en het eind is nog lang niet in zicht. Denk hierbij vooral aan Mediaspree dat de inzet is van een strijd tussen voor- en tegenstanders van dit grote bouwproject. Hier na te lezen en gegarandeerd ook in uw reisgids. Aan uw linkerhand is halverwege de nog vrij nieuwe O2-World te zien.

Aan het eind van de Eastside Gallery zien we rechts de Oberbaumbrücke, voor velen de mooiste brug van Berlijn. Wij slaan echter linksaf, en nemen de Warschauer Strasse. Hier is het bij wijze van uitzondering even klimmen, richting Warschauer Brücke. Hier ziet u rechts het grote S- en U-Bahnstation met dezelfde naam. Na de brug nemen we de eerste weg rechts (Revaler Strasse) met het RAW Areal, waarover ik een vorige keer al het een en ander heb geschreven. Hier in ieder geval even rondkijken!

We nemen daarna links de Simon-Dach-Strasse met zijn vele bars, cafés en restaurants. Vooral zomers is het hier een drukte van belang. Het is ook daarbuiten een zeer levendige straat, die jammer genoeg niet geasfalteerd is maar grotendeels uit klinkers bestaat. We steken achtereenvolgens de Grünberger Strasse en de Boxhagener Strasse over (rechts ligt de Boxhagener Platz, met ‘s zondags een aardige rommelmarkt) en komen uit op de Niederbarnimstrasse, die we uitrijden tot aan de beroemde Frankfurter Allee . Hier slaan we linksaf, deze keer worden we verwend met een geasfalteerd fietspad in een, voor Berlijnse begrippen, redelijke toestand.

De Frankfurter Allee gaat een eindje verder over in de Karl-Marx-Allee, die naar de Alexanderplatz verloopt. Deze beide straten heetten vroeger tezamen Stalinallee, die een belangrijke rol in de naoorlogse geschiedenis van Duitsland speelt. Hier begon de opstand van 17 juni 1953, toen arbeiders de verzwaarde eisen die aan hun werk werden gesteld niet meer wilden accepteren. Leest u er dit stukje nog even op na en vergeet niet een bezoekje aan Café Sibylle te brengen, waar u meer over de geschiedenis van dit gedeelte van Berlijn ervaart.

We komen langs de Frankfurter Tor, de vroegere bioscoop Kosmos, de pompeuze fonteinen bij de Strausberger Platz en langs bioscoop International, die wèl de tand des tijds heeft doorstaan en waar u zeker even een kijkje moet nemen. De bioscoop viert deze maand trouwens haar 50-jarig bestaan.

Uiteindelijk komen we bij de Alexanderplatz, die we echter links laten liggen. In plaats daarvan rijden we rechtdoor en nemen de Alexanderstrasse, die ons naar de Karl-Liebknecht-Strasse brengt, de verlenging van de boulevard Unter den Linden. Let hier extra goed op het verkeer: het is hier altijd uitermate druk. De Karl-Liebknecht-Strasse slaan we links in, maar nemen direct de eerste straat rechts, de Dircksenstrasse. Unter den Linden is momenteel door de vele bouwprojecten die ik hierboven al noemde sowieso niet erg attractief.

De Dircksenstrasse brengt ons naar de Hackescher Markt, intussen toch wel hèt toeristische centrum van Berlijn. Het is inderdaad ook best wel aardig om hier bij mooi weer op één van de vele terrasjes neer te strijken en de wereld aan zich voorbij te zien trekken. Wij vervolgen onze weg eerst rechts in de straat met de naam An der Spandauer Brücke en dan links in de Oranienburgerstrasse, waardoor we de Hackescher Markt steeds links van ons zien. De Oranienburgerstrasse is eveneens een toeristische trekpleister: hier bevindt zich de Neue Synagoge, vele restaurants, tot voor kort ook nog het roemruchte Kunsthaus Tacheles en het aardige Monbijoupark.

We slaan dan rechts af in de Krausnickstrasse en zijn midden in de Spandauer Vorstadt, één van de mooiste plekjes in Berlijn. Aan het eind van de straat nemen we links de Große Hamburger Strasse die ons uiteindelijk naar de Koppenplatz brengt. Ik raad u aan voor dit stukje Berlijn wat meer tijd te nemen om zo de sfeer in u op te nemen. Er zijn mooie panden, kleine caféetjes en onverwachte doorgangetjes en het is er verbluffend rustig.

We rijden de Koppenplatz af in noordelijke richting, steken de Linienstrasse en de zeer drukke Torstrasse over en komen zo in de Ackerstrasse. Hier valt ons direct aan het begin van de straat een pand met de naam Schokoladen op, een cultuurproject dat sinds begin jaren 90 bestaat en altijd enigszins tegen de stroom is opgezwommen. Begin dit jaar was het project bijna ten dode opgeschreven, maar op het laatste ogenblik werd er toch nog een oplossing gevonden en kan de Schokoladen blijven waar-ie is.

De Ackerstrasse mondt uit in de Invalidenstrasse, die we rechts afslaan. Daarna nemen we de Brunnenstrasse links, die ook een bescheiden klimmetje biedt. We rijden de straat uit tot aan de hoek met de Bernauer Strasse. We slaan hier links af en zien aan onze linker hand het gebied van de Bernauer Gedenkstätte, die aan de tijd van de Berlijnse Muur wil herinneren. De laatste jaren is dit uitgegroeid tot een imposante gedenkplaats, waar u veel over de naoorlogse geschiedenis van Berlijn te weten kunt komen. Wat u in ieder niet mag missen is het documentatiecentrum met de uitkijktoren, die u na een paar honderd meter aan uw rechterhand ziet.

We rijden rechtdoor in zuidwestelijke richting en nemen de verlengingen Julie-Woldthorn-Strasse en Zinnowitzerstrasse. Dan linksaf in de Chausseestrasse, waar zich op de hoek met de Invalidenstrasse het Naturkundemuseum bevindt, dat een eigen bezoek meer dan waard is.

De Chausseestrasse brengt ons naar de Friedrichstrasse, waar we de Spree oversteken en dan de eerste weg rechts nemen, de Reichstagsufer. We rijden op die manier achterom bij het station Friedrichstrasse en nemen links de wat verweesde Neustädtische Kirchstrasse. Van daar rechtsaf in de Dorotheenstrasse en direct weer links in de Schadowstrasse, die ons naar de boulevard Unter den Linden brengt, die we rechts opdraaien.

Ik maak op deze blog eigenlijk nooit reclame voor bedrijven en winkels. Een uitzondering wil ik voor het KulturKaufhaus Dussmann maken, dat u in de Friedrichstrasse tussen Dorotheenstrasse en Mittelstrasse vindt. De naam KulturKaufhaus is wel goed gevonden: natuurlijk wil men hier graag verkopen (Kaufhaus = warenhuis), maar daarnaast wordt er veel voor de cultuur gedaan. Lezingen, muzikale optredens, boekvoorlezingen enz. zijn hier aan de orde van de dag.

In tijden als deze, met grote problemen voor de boekhandel in Duitsland doet het deugd dat Dussmann het vaandel hoogt kan houden. Grote boekhandelketens als Thalia en Weltbild (dat in handen is van de katholieke kerk) zitten in de problemen en ook Hugendubel moest zijn prachtige zaak aan de Tauentzienstrasse vorig jaar sluiten. Te vergelijken wellicht met de teloorgang van de Boekhandels Groep Nederland en Selexyz.

In november staan onder andere een boekpresentatie met Egon Bahr (de steun en toeverlaat van Willy Brandt, die op 18 december a.s. 100 jaar oud zou zijn geworden) en een bezoek van Anna Netrebko op het programma. Bovendien is het gewoon een erg mooie zaak met een fantastische keus in boeken, CDs en DVDs.

Voorzichtig: hier is het verkeer behoorlijk chaotisch en dat zal de komende jaren nog wel zo blijven. We bereiken zo na een paar honderd meter het Brandenburger Tor, steken over en slaan dan linksaf in de Eberstrasse. We komen nog langs de Amerikaanse ambassade en arriveren kort daarna bij ons vertrekpunt Potsdamer Platz.

We hebben weliswaar al november, maar het weer is vaak nog verrassend goed. Het is uiteraard niet erg warm, maar er is gemiddeld in ieder geval beduidend minder regen en wind dan in Nederland. Dat is nog een reden, waarom het fietsen in Berlijn zo leuk is.

Een heel ander deel van Berlijn nu: over de wijk Dahlem heb ik tot nu toe nog vrij weinig geschreven. Dit stadsdeel in het zuidwesten van Berlijn maakt deel uit van de wijk Steglitz-Zehlendorf en is bij wijze van spreken het Wassenaar van Berlijn (zeg ik als geboren Hagenaar). Hier vindt men fraaie villa’s en veel groen – daaronder de beroemde Botanischer Garten, waarover ik hier al eens wat heb verteld.

In Dahlem zijn ook het Jagdschloß Grunewald en de Domäne Dahlem te vinden en natuurlijk de Freie Universität Berlin, die in 1948 in het leven werd geroepen – ongeveer aan het begin van de Koude Oorlog dus. Voorts is hier het Ethnologisches Museum gevestigd dat als één van de Staatliche Museen zu Berlin geldt.

Maar Dahlem huisvest ook een aantal kleinere, wat minder bekende musea en twee pareltjes wil ik graag even aan u voorstellen.

Als eerste noem ik hier het Brücke-Museum dat, nogal verborgen, in de Bussardsteig 9 is te vinden. U komt hier het snelst met bus 115 vanaf S-Bahnstation Hohenzollerndamm (Ring) of vanaf het U-Bahnstation Fehrbelliner Platz (lijnen U3 en U7). Uitstappen bij de halte Pücklerstrasse, deze vanaf de Clayallee rechts inslaan, dan onmiddellijk links in de Fohlenweg en na enkele minuten lopen weer rechtsaf in de genoemde Bussardsteig.

Het museum dankt zijn naam aan de Brücke-groep, die aan het begin van de 20e eeuw in Dresden werd opgericht door een aantal kunstenaars die zich het expressionisme in het vaandel hadden geschreven. Tot deze kunstenaars behoorden Ernst Ludwig Kirchner, Karl Schmidt-Rottluff en Max Pechstein. Ook de Nederlander Kees van Dongen was enige tijd lid van deze groep. Het museum is van woensdag t/m maandag elke dag van 11.00-17.00h geopend. Nog tot en met 24 november is de speciale expositie Meisterstücke te zien, die een overzicht biedt van de aanwinsten van de afgelopen jaren. Komende zondag (10 november) wordt tijdens een matinee (begin 11.30h) de overdracht van een werk van Kirchner gevierd. De toegang tot het museum is dan gratis.

Als u niet voor een kleine wandeling terugdeinst, kunt u daarna de Clayallee in zuidelijke richting aflopen en komt zo bij het museum van de geallieerden dat op nummer 135 is gehuisvest. Ik heb hierover hier al eens wat geschreven: als u in moderne geschiedenis geïnteresseerd bent is een bezoek in ieder geval de moeite meer dan waard.

Verder lopend richting zuiden zie u dan een sculptuur met de naam The Day The Wall Came DownHet verbeeldt een groep van vijf paarden die over de resten van de Berlijnse Muur springen en is een geschenk van de Verenigde Staten aan de Bondsrepubliek. Het werd in 1998 door George Bush (de vader) onthuld: hij was immers president van de Verenigde Staten toen de Muur viel. Hij opende overigens tien jaar later ook de nieuwe Amerikaanse ambassade aan het Brandenburger Tor, waarover nu zoveel te doen is. Maar dat is weer een ander verhaal.

Daarna steekt u de Hüttenweg over en neemt vervolgens de eerste weg naar rechts. Het is de Argentinische Allee, die helemaal tot aan de Mexikoplatz in Zehlendorf loopt. Als het u wat te ver is, is de U-Bahn een goed alternatief: u neemt lijn U3 vanaf station Oskar-Helene-Heim en stapt bij het eindpunt Krumme Lanke weer uit. Schuin aan de overkant van dit station ziet u al van verre het Haus am Waldsee waar momenteel een expositie van het werk van de Zwitserse kunstenares Christine Streuli is te bewonderen.

Het museum zelf ziet er op het eerste gezicht wat onopvallend uit, maar door de kleurrijke aankondiging van deze expositie kunt u de ingang van het museum niet missen. Dat museum heeft wel wat: het is vrij klein, maar beschikt over een aardig café en een beeldentuin, die naar een klein meertje leidt: de Waldsee, de naamgever van het museum. Veraf van het geroezemoes van de grote stad kan men hier bij een goed kopje koffie van de beelden en van het fraaie uitzicht genieten.

Het werk van Christine Streuli wordt nog tot begin 2014 onder de titel nonstoppainting tentoongesteld en is uitermate bont. Ik was er weliswaar niet al te zeer van gecharmeerd, maar de recensenten zijn lovend. Op 10 november is hier een zogenoemde Familiensonntag, waarbij men door deskundigen door de tentoonstelling wordt geleid (begin om 14.00h, dus goed met de vernissage in het Brücke-Museum te combineren).

Vanuit Nederland kreeg ik de informatie dat het Philharmonisch Koor Toonkunst Rotterdam op 9 november om 20.15h een concert in de Gedächtniskirche geeft. Opgevoerd wordt het oratorium A Child of Our Time van de Britse componist Michael Tippett.

De 9e november is natuurlijk een zeer bijzondere dag voor Duitsland. In 1918 werd op deze dag de republiek uitgeroepen en daarmee het einde van het Duitse keizerrijk. In 1989 was het de dag waarop de Berlijnse Muur viel. Daartussen ligt de 9e november 1938, een zwarte bladzijde in de geschiedenis van Duitsland. Toen werden in de zogenoemde Reichskristallnacht synagogen in brand gestoken, joodse bedrijven en winkels vernield en vele joden vermoord. Het concert op 9 november wil aan deze gebeurtenissen herinneren. De toegang is vrij.

In dit verband wil ik graag nog even op het gedenkteken Gleis 17 wijzen, dat bij het in de buurt liggende S-Bahnstation Grunewald is te vinden. Vanaf dit station vertrokken tijdens de Tweede Wereldoorlog vele deportatietreinen naar onder andere Auschwitz en Theresienstadt.

Om de hoek, tegenover het roemruchte café Floh, is een zogenoemde BücherboXX geinstalleerd, waarvan er inmiddels in Berlijn al acht stuks te vinden zijn. Deze nabij Gleis 17 heeft de jodenvervolging als thema.

Zo’n BücherboXX is het beste met een kleine openbare bibliotheek te vergelijken, met dien verstande dat de BücherboXX 24 uur per dag geopend is. Qua uiterlijk heeft het echter eerder wat weg van een ouderwetse telefooncel. Het motto is simpel: geef een boek, neem een boek, lees een boek. Dat concept slaat wonderwel aan en het is bepaald niet zo dat zo’n BoXX binnen de kortste keren is leeggehaald.

Ik kom tot slot nog even terug op het fietsen in Berlijn. Ik wil niet zeggen dat het gevaarlijk is, maar men moet méér dan in Nederland rekening houden met rechtsafslaande auto’s, portieren die worden opengegegooid en op fietspaden geparkeerde auto’s. Omgekeerd verwijt men de fietser dat hij zich niet in het minst aan de verkeersregels houdt, niet weet wat een rood stoplicht is en geen notie heeft wat het betekent dat een straat éénrichtingsverkeer heeft.

Laat ik het zo zeggen: de verhouding tussen fietsers en automobilisten zou wel wat beter kunnen zijn. Het aantal fietsers die vorig jaar in het verkeer om het leven kwamen lag met 15 hoger dan in de jaren tevoor. Zogenoemde witte fietsen herinneren aan deze doden. Wees dus voorzichtig, rijd defensief en geniet zo van de vele indrukken die u als fietser in Berlijn in korte tijd kunt opdoen. Veel plezier daarbij!

Dit bericht is geplaatst in nieuwe verhalen met de tags , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.